Visie op krachtige leeromgeving en goed onderwijs voor alle leerlingen

sla link op in klembord

Kopieer

Situering

sla link op in klembord

Kopieer

De maatschappelijke context blijft ons steeds uitdagen om na te denken hoe we blijvend kunnen inzetten op een krachtige leeromgeving en goed onderwijs voor alle leerlingen. We gaan deze uitdagingen aan vanuit onze geïnspireerde visie op leren aangepast aan de context en de beginsituatie van de leerlingen. We zien al zeer veel goeie voorbeelden waarbij men afgestemd op de onderwijsbehoeften van leerlingen, goed onderwijs realiseert. We verkennen dit vanuit een blended bril verder en linken dit aan onze visie op leren.

Omschrijving van blended leren

sla link op in klembord

Kopieer

Blended leren vraagt een doordachte en goed op elkaar afgestemde combinatie van synchrone leeractiviteiten (via online contact en fysiek contact) en asynchrone leeractiviteiten (digitaal en niet digitaal). Leerlingen gaan daarbij actief aan de slag met leerinhouden en daarnaast oefenen ze ook vaardigheden en attitudes. Dit gebeurt individueel, in interactie met elkaar en in interactie met de leraren.

  • Synchroon leren wijst op leeractiviteiten waaraan leerlingen allen op eenzelfde afgebakend tijdstip deelnemen. Tijdens die activiteiten kunnen ze dus gelijktijdig zowel online als fysiek in interactie gaan met de leraar en met elkaar.
  • Bij asynchroon leren doorlopen leerlingen leeractiviteiten op een zelfgekozen tijdstip en in hun eigen tempo. Ze interageren dan niet gelijktijdig met elkaar of met de leraar. Ze gebruiken daarvoor een digitaal en een niet-digitaal aanbod.

  online fysiek
synchroon
  • online  klas
  • online vragenuur
  • livestream met mogelijkheid tot chatten
  • chat
  • online begeleidingsgesprek
  • live lessen
  • practica
  • groepsdiscussies
  • extramurosactiviteiten zoals bedrijfsbezoeken, excursies …
  • groepsopdrachten
  • intervisiemoment
  digitaal niet-digitaal
asynchroon
  • opdracht via een applicatie
  • online teksten, mededelingen
  • opname van een lesmoment
  • FAQ
  • online evaluatiemoment
  • digitale instructievideo
  • online individuele of groepsopdrachten
  • blogs, vlogs, email
  • schriftellijke opdracht: individueel of in groep
  • schriftelijke bronnen: boeken, artikels.. (leesopdracht)
  • schriftelijke voortaak
  • schriftelijke evaluatie

Verbinding visie op leren en blended leren

sla link op in klembord

Kopieer

Als organisatie verbinden we onze visie op geïnspireerd en kwaliteitsvol onderwijs voor alle leerlingen met blended leren. Om alle leerlingen maximale kansen tot leren te geven, maken we gebruik van een rijke variatie aan didactische en pedagogische middelen.

Uit wetenschappelijk onderzoek[1] weten we dat onderwijstechnologie ondersteunend kan zijn om gedifferentieerd en afgestemd op de onderwijsbehoeften van iedere leerling, die leerkansen te creëren. Het blended leren en actief inzetten van deze onderwijstechnologie wordt al toegepast in voltijds contactonderwijs[2]. Daar waar we bijvoorbeeld leerlingen zelfstandig aan het werk zetten via een instructiefiche. Dit kan zowel synchroon samen tijdens de les gebeuren (fysiek en/of online), als asynchroon op een ander moment van de week thuis en/of op school, digitaal en/of niet-digitaal. Deze onderwijstechnologie vervangt de leraar echter niet. Het is de leraar die als ontwerper van de leeractiviteiten de afweging maakt vanuit de vooropgestelde doelen, rekening houdend met de beginsituatie en de context van de doelgroep welke soort leeractiviteiten er ingezet worden.

Waarom kiezen voor blended leren

sla link op in klembord

Kopieer

Er zijn uitgesproken onderwijskundige en pedagogische redenen die de keuze voor blended leren mee verantwoorden namelijk:

  • het eigenaarschap van leren van onze leerlingen stimuleren;
  • optimale en gedifferentieerde leerkansen aanbieden voor alle leerlingen;
  • de kennis, vaardigheden en attitudes van leerlingen optimaal ontwikkelen;
  • een hoger leerrendement bij alle leerlingen realiseren;
  • innovatie voor onze leerlingen zelf voorleven.

Daarnaast zorgen maatschappelijke omstandigheden zoals virologische factoren ervoor dat we hiervoor als school specifieke aandacht hebben.

De leraar heeft een cruciale rol in dit proces

sla link op in klembord

Kopieer

De leraar neemt niet alleen de rol van inhoudelijk expert op zich, maar ook die van ontwerper, facilitator, begeleider en coach. De leraar ‘orkestreert’ het leren van de leerlingen door:

  • inhoud en structuur te bieden;
  • het leerproces op te volgen en te begeleiden;
  • leerlingen pedagogisch te ondersteunen;
  • alle leeractiviteiten op elkaar af te stemmen.

Hij is degene die de regie in handen houdt en zoals op onderstaand mengpaneel aangegeven, de schuivers (fysiek contact, online contact, synchroon en asynchroon) meer of minder openzet. Hij bepaalt vanuit doelen, beginsituatie en context welke combinatie van schuivers noodzakelijk zijn om alle leerlingen tot leren te brengen.

Nét omdat leerlingen bij blended leren meer aangesproken worden op hun zelfstandigheid en zelfsturing is er extra aandacht nodig voor de ondersteuning van:

  • hun leerproces
  • het stimuleren van interactie
  • het creëren van een veilig leerklimaat
  • onderwijsbehoeften
  • gelijke onderwijskansen

Het schoolbeleid ondersteunt hierbij de leraren en de verschillende vakgroepen op organisatorisch en pedagogisch vlak om deze taak kwaliteitsvol te kunnen uitvoeren. Dit vraagt goeie afstemming en duidelijke keuzes vanuit de visie van de school.

Wat hebben leraren nodig om alle leerlingen in een blended setting tot leren te laten komen? Wat hebben leerlingen nodig om tot leren te kunnen komen in een blended setting? Welke keuzes maken we hierbij als schoolbeleid vanuit onze schooleigen visie? En hoe zorgen we ervoor dat deze keuzes in de praktijk kwaliteitsvol gerealiseerd worden?

De leraar doet ertoe: hij ontwerpt een krachtige leeromgeving, zorgt voor goed onderwijs

sla link op in klembord

Kopieer

De verhouding tussen synchrone (via online contact en fysieke contact) en asynchrone (digitaal en niet digitaal) leeractiviteiten is dynamisch en hangt af van een viertal factoren. Deze staan nooit echt los van elkaar. Ze worden steeds alle vier door de ontwerper (leraar) mee in overweging genomen en daarbij is overlap zeker mogelijk.

  • inhoudelijk-didactische factoren: doelen die we willen bereiken, keuze werkvormen, evaluatievormen, expertise van de betrokken leraren, krachtige leeromgevingen ontwerpen, onderwijsarrangementen, differentiatie en leerlingenevaluatie. De realisatie van goed onderwijs in de klas.
  • sociaalpsychologische factoren: de samenstelling van klasgroepen (homogeen en/of heterogeen), mogelijkheden tot leerlingenondersteuning ...
  • praktische factoren: veiligheidsmaatregelen, de lokalencapaciteit, mogelijkheden van de leerlingen thuis …
  • technologische factoren: de beschikbare technologie, digitaal platform, toegankelijkheid van internet …

Vanuit onze visie op leren, zorg en kansen willen we deze factoren nog een extra dimensie geven gekleurd door ons project van de katholieke dialoogschool.

  • Als we nadenken over de inhoudelijk-didactische factoren dan gaan we daarbij uit van het leren van alle leerlingen en maken we ook rechtvaardige keuzes in functie van het leren van alle leerlingen.
    • Hoe zorgen we ervoor dat we bij het ontwerpen van lesmaterialen, van bepaalde aanpakken rekening houden ook in een blended scenario alle leerlingen tot leren kunnen komen?
    • Hoe zorgen we er voor dat we afgestemd op hun specifieke onderwijsbehoeften leerkansen creëren?
    • Op welke wijze realiseer je goed onderwijs in de school en in de klas?
    • Hoe zorg je ervoor dat je een krachtige leeromgeving creëert?
  • Bij de afstemming rond de sociaal-psychologische factoren gaan we uit van de uniciteit van elke leerling, van de diversiteit als kans om nét nog meer van en met elkaar te leren. Dit is inherent aan ons pedagogisch opvoedingsproject.
    • Hoe zorg je ervoor dat de verschillen tussen leerlingen benut kunnen worden?
    • Hoe zorgen we er voor dat iedere leerling gastvrij evenveel kansen krijgt om tot leren te kunnen komen?
    • Hoe zorgen we er voor dat voor elkeen de nodige ondersteuning voorzien wordt?
  • Daarbij houden we ook rekening met een aantal praktische factoren die ervoor kunnen zorgen dat alle leerlingen gelijke kansen krijgen om tot leren te kunnen komen. Niet alle kinderen zijn in de mogelijkheid om thuis goed te kunnen leren, om zelfstandig te kunnen leren, om huiswerk te kunnen maken.
    • Op welke manier zorgen wij er als school voor dat deze ongelijkheid weggewerkt wordt?
    • Hoe zetten we onze verbeelding in om out-of-the-box naar haalbare oplossingen te zoeken voor iedereen?
  • Hiermee hangen ook de technologische factoren samen.
    • Hoe zorgen we er als school voor dat alle betrokkenen in staat zijn om met alle digitale tools aan de slag te kunnen gaan?
    • Hoe zorgen we ervoor dat iedereen dezelfde digitale tools heeft om mee te kunnen werken?
    • Hoe gaan we leerlingen en leraren ondersteunen die moeite hebben om met onderwijstechnologie te werken?
    • Hoe zorgen we ervoor dat de keuzes die we als school maken op vlak van onderwijstechnologie gelijke onderwijskansen versterken en dus ook duurzaam zijn?

Bij de concrete realisatie van deze factoren, is het belangrijk dat we steeds proberen de verbinding te maken tussen onze visie (pedagogisch opvoedingsproject van de school), onze beleidskeuzes en de concrete school- en klaspraktijk. Deze verbinding helpt ons om kwaliteitsvolle processen op de verschillende niveaus op te zetten.

Ontwerpen van blended leersituaties

sla link op in klembord

Kopieer

Bij het plannen van een les neem je als leraar/lerarenteam beslissingen over de doelstellingen, het leer- en vormingsproces en de evaluatie. Die beslissingen worden beïnvloed door een aantal factoren:

  • jezelf als leraar (expertise, interactiestijl, waardenhiërarchie...)
  • de leerlingen (de reeds verworven leerdoelen, hun belangstelling, de socio-structuur van de leergroep…)
  • de situationele mogelijkheden (de materiële accommodatie…)
  • externe factoren (de schoolcultuur, adviezen van beleidsdiensten…)

Ook in een blended-concept doorloop je dezelfde componenten van het didactisch handelen bij het vormgeven van onze lessen. Hieronder vind je een mogelijk plan van aanpak.

Componenten van het didactisch handelen Toepassing
Beginsituatie
  • Breng de voorkennis van de leerlingen in kaart: welke leerdoelen zijn al bereikt, wat kennen en kunnen de leerlingen al, ook op digitaal vlak
  • Breng taken en opdrachten in kaart
  • Schets het klasklimaat: hoe gedragen de leerlingen zich in groep, wat is hun ingesteldheid ...
  • Duid situationele omstandigheden: voorziene tijd, ruimte, materiële mogelijkheden (computers thuis/in de klas, internet …)
Doelen
  • Selecteer leerplandoelen
  • Leid concrete lesdoelen uit leerplandoelen en specifieke beginsituatie af
  • Formuleer concrete lesdoelen
  • Hou er rekening mee dat wat je als doel formuleert later ook geëvalueerd wordt
Leerinhouden Selecteer leerinhouden vanuit de lesdoelen die je wilt realiseren: via welke leerinhouden kun je de vooropgestelde doelen voor deze doelgroep realiseren?
Werkvormen
Onder didactische werkvormen verstaat men de methode waarmee de leerstof aangebracht wordt om de leerlingen zo efficiënt mogelijk de doelstellingen te helpen bereiken. Vanuit een blended-concept ga je bij het ontwerpen van aangepaste methodes om doelstellingen te realiseren rekening houden met online strategieën zowel synchroon als asynchroon.
  • Welke doelen kun je louter synchroon realiseren?
  • Welke doelen kun je louter asynchroon realiseren?
  • Welke doelen kun je gecombineerd (synchroon/asynchroon) realiseren?


Als je als team/leraar bepaald hebt welke doelen je op welke manier wilt realiseren, dan onderzoek je welke onderwijsmiddelen (digibord, computer, praktijklokaal, digitale tools/apps …) en leermiddelen (digitaal handboek, lesmaterialen, praktijkmaterialen, computer, elektronische leeromgeving…) je daarvoor nodig hebt.

Nog een aantal tips voor het ontwerpen van leersituaties:
  • Zorg voor voldoende variatie om de motivatie en de leerboog hoog te houden.
  • Zorg voor voldoende aanschouwelijkheid.
  • Zorg voor gestructureerde opbouw van de les, niet alleen inhoudelijk maar ook organisatorisch.
  • Zorg voor gedifferentieerde opdrachten naargelang de mogelijkheden, interesses, attitudes … van de leerlingen.
  • Zorg voor een uitgewerkte instructiefiche voor de leerlingen: duidelijk gestructureerd, visueel ondersteund, inhoudelijk correct, heldere afspraken.
Lesrealisatie
  • Je zult nu de vooropgestelde doelen, leerinhouden met de uitgewerkte didactische aanpak realiseren. Tijdens de lesrealisatie speel je al in op de concrete klassituatie op dat specifieke moment. Dat kan betekenen dat je soms zal vertragen, soms versnellen: je stemt blijvend af op je klasgroep.
  • Tussentijdse evaluatiemomenten zorgen ervoor dat je als leraar het leerproces van de leerlingen gericht kunt volgen en ook snel kunt bijsturen mocht dit nodig zijn.

Tijdens de realisatie van blended trajecten bots je op nog andere soms onvoorziene barrières die je eerst moeten oplossen vooraleer het leerproces verder kan gaan, zoals het uitvallen van internet, minder goed werkende apps, leerlingen die vooropdrachten niet gemaakt hebben, geluidsproblemen …
Evaluatie

Naast een korte evaluatie van iedere lesfase kan de les afgesloten worden met de evaluatie van de leerplandoelstellingen en dit onder de vorm van een herhaling, een korte toets, een samenvatting. Dat kan ook digitaal gebeuren via aangepaste apps of tools (zie hiervoor suggesties op onze Pro-site per onderwijsniveau)
Zowel de evaluatie van elke lesfase als die op het einde van de les zijn formatief van karakter, dat wil zeggen dat deze vorm van evaluatie de bedoeling heeft direct bij te sturen daar waar het nodig blijkt. Dat sluit niet uit dat je geregeld lestijd besteedt aan een summatieve evaluatie.
 
Je gaat er sowieso vanuit dat je evalueert in functie van het leren, het groeien, het beter worden van de leerling en je hebt daarbij aandacht voor:
  • een evaluatie-instrument (op papier of digitaal) waarbij de evaluatiecriteria afgestemd zijn op de doelen die gesteld werden
  • feedbackmomenten tijdens de lesrealisatie, ofwel schriftelijk ofwel mondeling (digitaal, synchroon, asynchroon)
  • feedback voorzien van remediëring waardoor de leerling in staat is om het eigen gedrag/handelen bij te stellen = leermoment. Dit kan ofwel schriftelijk ofwel mondeling (digitaal, synchroon, asynchroon) gebeuren

Bronnen

sla link op in klembord

Kopieer

×
Kijkt als...
Niveau
Regio